zondag 19 oktober 2008

Haat - liefde verhouding (vervolg) ....

Hier nu het vervolg op de passage uit het boek van Léon Lodewick 'Ziekenhuizen veranderen' waarin de haat - liefde verhouding wordt beschreven tussen ziekenhuis en specialist. In een eerdere bijdrage werd ingegaan op het ziekenhuis: 'om te koesteren' dan wel het ziekenhuis: 'om te haten'. Nu ditzelfde over de medisch specialist. Is de specialist 'om te koesteren' of 'om te haten'? Naar mijn mening ook weer door Lodewick zeer treffend opgeschreven.

"De specialist: om te koesteren
Zonder specialist geen ziekenhuis, ik schreef het eerder. Specialisten hebben hart voor hun vak, voor hun patiënten: zij vormen de drijfveer voor hun zware en verantwoordelijke werk. Zij zijn enthousiast over hun werk. Zij zijn nauw betrokken bij het wel en wee van de organisatie, zetten zich daar voor in door deelname aan allerlei activiteiten: commissiewerk (infectiecommissie, OK-commissie, geneesmiddelencommissie), projecten op alle mogelijke gebied (bouw, logistiek, kwaliteit en veiligheid). Een aantal van hen neemt managementtaken op zich (medisch manager) of is lid van het Bestuur van de Medische Staf. Specialisten zijn constant op zoek naar verbeteringen van hun werk door nascholingen en congressen, maar ook door managementtrainingen. Zij houden het ziekenhuis bij de tijd: zij zorgen ervoor dat nieuwe ontwikkelingen in de medisch specialistische zorg gestart worden. Zij zetten zich in voor verbetering van de logistiek van patiëntenzorg (projecten als ‘Sneller Beter’) en starten talloze kwaliteitsprojecten. Zij werken positief mee aan de administratieve ellende die nieuwe ontwikkelingen als de DBC-financiering van ziekenhuizen met zich meebrengen. Zij zijn ook op zoek naar kwaliteitsindicatoren om publiekelijk beter zichtbaar te maken wat zij doen en tegen welke prijs. Zij bezorgen het ziekenhuis zijn goede naam. Specialisten: mensen om te koesteren.

De specialist: om te haten
Specialisten zijn slechte organisatiegenoten. Zij houden zich vaak afzijdig, staan met de rug naar de organisatie, frustreren door hun gedrag medewerkers. Specialisten werken moeilijk samen, zowel met collega’s als met andere professionals en zorgen voor veel problemen en gedoe. Zij laten zich weinig gelegen liggen aan de organisatie en de daarin geldende afspraken of genomen besluiten. Met de organisatie van hun werk heeft niemand zich te bemoeien, al leidt dit tot slecht georganiseerde spreekuren en lange wachtlijsten. De financiën van het ziekenhuis zijn niet hun probleem, maar die van het management. Met leidinggevenden doen ze moeilijk zaken: ze tonen weinig respect, zelfs minachting voor deze groep mensen. Er zijn er altijd en overal te veel van. Als hen iets niet zint, sluiten de gelederen van de medische staf en treedt deze als blok op zonder al te veel nuances en scrupules. Zij laten zich vaak leiden door emoties en doen verregaande uitspraken over zaken waar zij geen verstand van hebben, beschadigen mensen en de organisatie daarmee. Zij bemoeien zich overal mee en hebben overal een mening over. In elk ziekenhuis functioneert een aantal maatschappen niet goed en zorgt voor veel hoofdbrekens. Zij zijn nauwelijks aanspreekbaar op hun functioneren, zijn contactueel zwak, niet alleen in contacten met organisatiegenoten, maar ook met patiënten. Specialisten: geen mensen om lief te hebben.

Ziekenhuis en specialist: zij kunnen niet zonder elkaar, maar kunnen elkaar met enige regelmaat niet luchten of zien. Het gevolg van deze ambivalente houdingen is dat het aanbrengen van veranderingen voor beiden uitermate moeilijk en moeizaam is. Zonder betrokkenheid en instemming van de groep medisch specialisten zijn veranderingen niet mogelijk of worden deze ernstig gebruuskeerd. Als het wel lukt en men krijgt de steun van de specialisten, maakt de organisatie snelle vorderdingen. Zonder support van het ziekenhuis, zal het zeker de individuele specialist niet lukken om voor hem belangrijke veranderingen aan te brengen. Hij raakt dan meer en meer gefrustreerd. Het collectief van de medische staf is onderling meestal zo verdeeld dat men zelden komt tot eenduidige veranderingswensen.

Ik realiseer mij dat het beeld dat ik hiervoor schets op ongeloof en ontkenning kan en zal stuiten. Het is echter geen karikatuur, maar een realiteit waar leidinggevenden op alle niveaus en specialisten rekening mee hebben te houden of zich ten minste bewust van dienen te zijn. Als ze dat niet doen, zullen zij hardhandig geconfronteerd worden met hun eigen onmacht zaken in het ziekenhuis te veranderen." (einde passage)

Ook hier worden weer twee kanten van dezelfde medaille beschreven. Natuurlijk ben ik ook dit keer erg benieuwd naar uw reactie. Met welke specialisten werkt u samen? Met specialisten om te koesteren óf met specialisten om te haten. Laat mij uw reacties weten. Natuurlijk ben ik ook zeer benieuwd naar de opvatting van de medewerkers van het Maaslandziekenhuis en natuurlijk ook van de medisch specialisten van het Maaslandziekenhuis. Ik beloof na deze laatste bijdrage over de haat - liefde verhouding tussen ziekenhuis en specialisten mijn opvatting over het ziekenhuis waar ík werk te geven. Eerst bent u nog even aan zet ....

In de eerste bijdrage over de haat - liefde verhouding tussen ziekenhuis en specialist heb ik tot nu toe slechts één reactie gekregen en wel van een verpleegkundige. Zij vroeg mij of er ook een passage in het boek gewijd is aan de verpleegkundigen. Inderdaad is dit het geval, doch Lodewick is hierbij kritisch over de bijdrage van de verpleegkundigen aan de ontwikkeling van ziekenhuizen. In een volgende bijdrage aan mijn weblog zal ik hier aandacht aan besteden en gelijk aangeven waar ik zijn mening deel en waar niet. U bent dus vast gewaarschuwd ....

1 opmerking:

Pierre Thijssen zei

Ja ja ook in Sittard bebben "DE HEREN" nog veel te leren, de goede niet te na gesproken. In de tijd dat personeelskrapte een gemeengoed gaat worden moeten ook zij hier aandenken !!!!